Simone De Beauvoir, teder en liefdevol

Het gebeurt maar zelden dat na het lezen van de laatste bladzijde opnieuw naar de eerste gegrepen wordt. Dat ee roman een indruk van subliem meesterschap heeft achtergelaten. Dat is mij een paar weken geleden overkomen na het lezen van de nooit eerder gepubliceerde roman De onafscheidelijken van Simone de Beauvoir. Oorspronkelijke titel Les inséparables.

Fout gedacht

De Franse filosofe, romancière, essayiste en feministe heeft heel wat gepubliceerd. Er lag niets meer in de lade, werd gedacht. Dat bleek niet het geval. Haar geadopteerde dochter Sylvie Le Bon vond in haar nalatenschap een jeugdroman. Te pijnlijk om tijdens haar leven te publiceren, verkondigde de geadopteerde. Wat ik betwijfel.
De Beauvoir was niet slordig en bijzonder helder van geest.

Dat de roman tijdens haar leven niet verscheen, valt mijns inziens eerder te zoeken in het feit dat De Beauvoir een te groot respect had voor de vriendschap met de andere protagoniste van de roman. Die vriendschap spat in 2020 van het blad met dezelfde kracht als er geweest moet zijn in 1954, toen zij de eerste versie van De onafscheidelijken schreef, en het boek haar niet losliet, gezien latere bewerkingen.

De jeugdroman behandelt de vriendschap tussen ‘deux jeunes filles en fleurs’, en loopt een eind hun puberteit in. ‘Als Andreé de katholieke meisjesschool komt binnenlopen,’ zo staat er op de achterflap, ‘is de negenjarige Sylvie direct onder de indruk.’ Sylvie is het alter ego van Simone de Beauvoir.

Heerlijk lopend tempo

Voor Andreé stond Zaza model, De Beauvoirs vriendin, die slechts een kort leven beschoren was. De lezer beseft al snel – de roman is in een heerlijk lopend tempo geschreven – dat er tussen de twee een magische band heeft bestaan. De lezer verneemt niet alleen hoe de jongedames literaire en filosofische geschriften ontdekken en hun ervaringen delen, Parijs verkennen tot in de kleine steegjes, maar tevens wat hun strijd is met de burgerlijke verwachtingen van de jaren na Eerste Wereldoorlog.

Gaandeweg ontwikkelt zich hun verhouding – afzonderlijk en gezamenlijk – tot vrouwelijkheid, seksualiteit en geloof. Wat Andreé en Sylvie nog niet zagen aankomen, maar de lezer wel ziet gebeuren, is hoe zij de richting van de vrijzinnigheid uitgaan.

Een belangrijke fase

Een zeer autobiografische roman kortom, over een mysterieuze vriendschap. Wat mysterieus is, roept vragen op. Of De Beauvoir het mysterie van de vriendschap als jonge vrouw al meesterlijk beheerde, ten bate van haar literaire vaardigheid, is zeer de vraag. Mede omdat de jeugdroman driemaal herwerkt/herschreven is en pas in 1958 zijn definitieve vorm kreeg, om vervolgens onderin een lade terecht te belanden.

Wat jammer is, want wat De onafscheidelijken aantoont is een belangrijke fase in de literaire ontwikkeling van De Beauvoir. Heeft zij de roman verborgen gehouden omdat de filosofische golven ontbreken, zo eigen aan enig ander literair werk van De Beauvoir, en die tot opperste bloei kwamen in De tweede sekse [1949] en De Mandarijnen [1954]? Waaraan men twijfelt roept zwijgen op, zeker bij intelligente mensen.

Voorloper feminisme

Simone de Beauvoir was zéér intelligent. Jean-Paul Sartre, haar levensgezel, was bekender en heeft zijn verdiensten als goeroe van de jeugd van de jaren zestig. Persoonlijk echter lees ik liever De Beauvoir. Zij vervolgt namelijk waar André Gide gebleven is. Haar geschriften kunnen tevens gezien worden als een modern vervolg van de essays van Michel de Montaigne.

Om terug te komen op De onafscheidelijken. De roman is licht van toon, stijgt boven de lucht van jeugdromans uit, zonder te ruiken naar de traktaten van Kant en Schopenhauer. Hooguit kleeft er een geurtje aan van de Pensées van Blaise Pascal. Het belangrijkste filosofisch maatschappelijk aspect echter is dat de lezer de huidige inhaalbeweging van de vrouwen op politiek, artistiek en wetenschappelijk vlak al in haar beginfase ziet gebeuren.

Citaat

Een autobiografische roman, zoals ik al schreef, als kussen waarheid en verzinsel elkaar. Vooraan in het boek staat er een opdracht, gericht aan Zaza: ‘Als ik vanavond tranen in mijn ogen heb, is dat dan omdat u dood bent of omdat ik zelf leef? Ik zou dit verhaal aan u moeten opdragen, maar ik weet dat u nergens meer bent en ik spreek hier tot u middels een literaire kunstgreep. Overigens is dit niet echt uw verhaal, maar louter een verhaal dat op ons is geïnspireerd. U was niet Andrée, ik ben niet deze Sylvie die in mijn naam spreekt.’ Einde citaat.

Een verzonnen verhaal, mag verondersteld worden, en ten dele zal dat wel zo zijn. Nochtans zullen de meeste gebeurtenissen waar gebeurd zijn. Deze veronderstelling is gebaseerd op de duidelijke opdracht boven dit introïtus: ‘Voor Zaza’.

Twijfel over de twijfel

Aan dit teder en liefdevol boek zijn nawoorden toegevoegd van Sylvie Le Bon de Beauvoir en Bregje Hofstede. Interessant dat wel, maar echt boeiend zijn ze niet. Bovendien blijven ze vaag over de wordingsgeschiedenis van De onafscheidelijken. Tot slot de correspondentie tussen Simone en Zaza, samen met een foto van hen beiden. Of het verhaal van de roman nu werkelijk gebeurd is, zal voor altijd een raadsel blijven. Ik houd het op een werkelijk gebeurde fase in het leven van De Beauvoir. Stijlvol geschreven, als het ware uit het leven gegrepen, een getuigenis van een feit dat een diepe indruk heeft nagelaten op de Franse filosofe.

Vandaar de neiging om na het lezen van de laatste bladzijde terug te keren naar de eerste. Besluit: ondanks de jeugdige teneur in stijl en vorm, is De onafscheidelijken van Simone de Beauvoir een absolute aanrader.

Deel dit met je vrienden: