De nieuwe Don Delillo

Een man die gedurende zijn vlucht alleen maar een stoelnummer is, leest hardop de cijfergegevens van het vliegtuigschermpje boven zijn hoofd. Statistieken. Zijn vrouw naast hem luistert ternauwernood, ze schrijft alles op wat haar te binnen schiet in een klein notitieboekje. Om over twintig jaar, als ze dan nog leeft, te achterhalen wat ze nu niet meteen begrijpt.

Het vliegtuig maakt een noodlanding. Ook in het ziekenhuis — de man heeft een crash-kras op zijn voorhoofd — praat de onthaalmedewerkster vastgeroeste formules als zinnen.

De Derde Wereldoorlog, al noemen we het niet zo

Alle elektronica is uitgevallen: forenzen verliezen zichzelf op straat zonder hun smartphone tegen hun oor. Verkeerslichten doven uit, een digitale politieagent verstart als een standbeeld in houding. De lift blijft onbeweeglijk stil, het grootbeeldtelevisiescherm in de huiskamer blijft zwart. De aanwezigen – twee mannen en een vrouw — zitten te wachten op de Superbowl, een American football-wedstrijd. De man voor het scherm praat op de duur zelf sportverslaggeving na van een fictieve wedstrijd, doorspekt met tv-reclameslogans die hij jarenlang hoorde. En onbewust in zich opnam. ‘Verzachtend en vochtinbrengend. Biedt u twee keer zoveel voor dezelfde lage prijs. Vermindert de kans op hart- en geestesziekten.’

Zijn vrouw zit anderhalve meter verder in een schommelstoel. En toch zo vastgeklonken aan mekaar dat ‘er ooit een dag komt dat we allebei zijn vergeten hoe de ander heet,’ zegt ze. Een eeuwige student in dezelfde huiskamer blijft onophoudelijk citaten en denkbeelden uit zijn obsessief onderzoek van zijn idool Einstein uitspuwen.

De essentie

Dit is waar het om gaat in het nieuwste boek, De stilte, een kortverhaal, van Don Delillo. Boekenliefhebbers kennen hem van onder meer Onderwereld, zijn ‘Great American Novel’ over de ziel van de Amerikaanse samenleving. Delillo’s verhalen kenmerken zich vooral door een fatalistische, bijna dystopische visie op het technologisch universum en de daaruit voortvloeiende weerloosheid. Het onvermijdelijke falen. Hoe geavanceerder, hoe kwetsbaarder.

Wat zijn we nog zonder technologie? Elke mens moet zich dan opnieuw zien uit te vinden. De stilte is daar een stilistisch uitgepuurde versie van: zijn kwintessens, samengebald in een kortverhaal — zelfs met een grotere bladspiegel, slechts 124 pagina’s. De wereld is alles, het individu is niets. Begrijpen we dat allemaal?, is de slotzin van het boek. Waarna de man, handen in de nek gevouwen, enkel nog naar een zwart scherm blijft staren. Hopend op wat niet komt.

Gelatenheid

De deskundigen zullen het wel oplossen, lijkt de algemene teneur. ‘Is dit de onverschillige berusting waarmee de ondergang van de wereldbeschaving zijn beslag krijgt,’ vraagt de vrouw in het luchtledige. Het uitvallen van alle systemen en dat gelaten accepteren: misschien hebben we er altijd wel naar verlangd, subliminaal, subatomair, schrijft Delillo.

Dit team is klaar om uit de schaduw te treden en de gelegenheid aan te grijpen De man doet verslag terwijl hij gebiologeerd naar het zwarte tv-scherm blijft turen. We moeten onszelf steeds voorhouden dat we nog leven, zegt Tessa, vliegtuigpassagier en net niet neergestort, maar ‘genoodland’, al is dat officieel geen werkwoord. Ontwijkt de tackle, passt de bal — onderschept!

Treurend

‘E-mail-loos. Probeer je het eens voor te stellen. Zeg het hardop. Hoor hoe het klinkt. E-mail-loos.’ En: ‘Waar is het gezag dat zich over onze beveiligde elektronica ontfermt, ons encryptievermogen, onze tweets, trollen en bots? Is alles in de datasfeer blootgesteld aan storingen en diefstal?’ Het is een verpleegster in het ziekenhuis die haar gedachten de vrije loop laat. ‘En moeten we hier dan maar gaan zitten’, vraagt ze retorisch, ‘treuren over ons lot?’

Misschien leven we in een geïmproviseerde werkelijkheid. Een toekomst die nog geen vaste vorm hoort aan te nemen. Uiteindelijk hoeven we alleen maar onze situatie in ogenschouw te nemen, zegt de Einsteinadept. Wat er ook gebeurt in het heelal, we zijn nog steeds mensen, de menselijke scherven van een beschaving.’ Dat gonst even na: … de menselijke scherven…

Dit boek, De Stilte,  laat je toch – even – verstild in de verte kijken.

Deel dit met je vrienden: