De meester van de visuele volumeknop

Patiënt A het tweede verhaal in de reeks Rommelgem is weer een prachtig album dat de gemiddelde spin-off overstijgt. In dit avontuur gaan de graaf Van Rommelgem en zijn vrienden naar Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een boeiend, spannend en vooral onderhoudend stripverhaal in een historische setting levert een dik uur ontspanning van de bovenste plank op.

Philip Kerr

Het eerste deel in de reeks getiteld Enigma heb ik hier reeds besproken. Dat album was een virtuoos spel met populaire cultuur afkomstig uit tv-series, films en boeken en een modern scenario rond een figuur uit de stripreeks Robbedoes en Kwabbernoot. De historische context zat meteen goed en de stijl en sfeer van dat verhaal waren beklijvend. Dit alles in een uitzonderlijk mooie tekenstijl die perfect bij dit soort strip past.

Ook dit album geschreven door het collectief BéKa past exact hetzelfde recept toe. Dit keer zelfs met een vleugje Philip Kerr. Deze thrillerauteur liet zijn detective Bernie Günther in Pruisisch blauw kennismaken met de drug pervitine. Om het plezier niet te vergallen zal deze recensie niks over pervitine, noch over de plotwendingen verklappen. Het scenario bevat zeer veel boeiende historische weetjes, enkele fijne grapjes en uiteraard ook vondsten die pure fantasie zijn of zelfs heel ongeloofwaardig zoals bepaalde raketmotoren. Met andere woorden een avontuur dat jong en oud kan bekoren.

Voortreffelijk scenaristenkoppel

De aantrekkingskracht van deze strip is slechts deels de verdienste van het voortreffelijk scenaristenkoppel BéKA dat bestaat uit de Franse schrijvers Bertrand Escaich en Caroline Roque. De grootste bijdrage is die van de tekenaar. De Franse striptekenaar David Etien levert weeral uitzonderlijk tekenwerk af. Zijn zeer consistente en dynamische tekenstijl heeft alles wat een moderne strip nodig heeft. Het begint met een mooie bladspiegel en een prachtige opmaak. De indeling van de platen en de vakjes is gewoon superprofessioneel en vooral functioneel vanuit een narratief oogpunt.

Etien kan fantastisch vertellen in strookjes en vakjes. Als een ware filmregisseur jongleert hij met camerastandpunten, montage enzovoort. Een andere sterkte is zijn feeling voor de leesrichting en hoe hij hiermee het verhaal kan temporiseren. Etien bepaalt zeer subtiel de leessnelheid en die voert hij als het spannend wordt soms op door dosering van details, grootte van figuren en vakje. Allemaal ontzettend vernuftig. En het fijne ervan is dat de meeste lezers het niet eens zullen merken omdat het zo goed werkt. Bovenop die werkelijk onwaarschijnlijk knappe constructie komt een coloriet dat de sfeer bepaalt. De inkleuring is immers eveneens subliem en bepaalt in hoge mate de sfeer. Wie het album een tweede keer leest moet eens op de schaduwen letten.

Charleroise stijl

Qua tekenstijl treft Etien zeer goed een soort universele Brusselse of Charleroise stijl met knipogen naar zowel Disney-tekenfilms uit de jaren 1990 (bijvoorbeeld de relatieve grootte van de ogen) als naar de Robbedoesstrips uit de jaren 1950. Etiens tekenstijl en zijn oog voor bewegingen en mimiek zijn fenomenaal. Echt om lyrisch over te worden. Zijn gebruik van rekwisieten uit de jaren 1930 en 1940 om zijn scenes te decoreren is ook fijn.

Het belang van de blijkbaar perfecte synergie tussen BéKa en Etien laat zich het best illlustreren door de afgrijselijke strip die BéKa en Muñuera afleverden als album 65 in de reeks De Blauwbloezen. José-Luis Muñuera is een zeer getalenteerd striptekenaar, maar zijn dynamiek maskeert vooral luiheid, veel computeranimatie en gepruts met photoshop. Die mankementen vallen het hardst op in de Spaanse tekenaar zijn Robbedoes-spin-off Zwendel. Die reeks is ondanks bij wijlen knap tekenwerk een ongenietbaar onding. Het scenario van BéKa voor de Blauwbloezen werkte ook al niet omdat hun bij de Rommelgemreeks zo effectieve grepen uit films, populaire cultuur en bekende boeken in dat geval bijna verwaterde tot plagiaat. De Disney-saus maakte het album geheel onverteerbaar. Bij De Blauwbloezen moesten de schrijvers vertrekken van iets bestaand met traditie, bij Rommelgem konden ze gewoon één personage nemen, het 50 jaar in de tijd terugwerpen en van nul beginnen. Dat laatste lukt hun duidelijk beter.

Disney-invloed

De uitwerking van een scenario door een striptekenaar speelt een grote rol en camoufleert de mankementen van een scenario soms perfect. Helaas zet het soms ook de onkunde in een scenario in de verf. Dat is allicht het grote verschil tussen Etien en Muñuera. De laatste versterkt als het ware de mankementen in een scenario, terwijl de eerste ze netjes onder zijn tapijt veegt.

Bij Etien is die nochtans ook zichtbare Disney-invloed (of DreamWorks-invloed zo men wil) zeer beperkt en enkel esthetisch van aard. Bij Etien zijn de vaak exuberante bewegingen perfect gedoseerd al naar gelang de situatie waarin zijn helden belanden. Etien blijkt een meester van de volumeknop als het ware. Naar het einde van het verhaal in de meest fantastische en dus ook minst geloofwaardige passage draait Etien die volumeknop helemaal open en dat werkt. De lezer is op dat moment mee in een rocamboleske rit om te ontsnappen. De deus ex machina (letterlijk een machine hier) is dermate mooi verpakt dat het niemand zal storen dat de scenaristen hier een loopje nemen met het uitwerken van een plot. Bovendien komt er veel visuele humor bij te pas. Voor de filmliefhebber kan dit het best vergeleken worden met de eerste twee films in de Indiana Jones-franchise.

Verbluffend mooi

Kortom Patiënt A is een prachtig album, met een verhaal dat onbeschaamd overal dingen leent en een kunstgreep nodig heeft om tot een happy end te komen. Het is allemaal zo verbluffend mooi en ingenieus getekend dat het niet deert. Juist dat is wat de beste avonturenstrips doen. Daarom zijn ze zo ontspannend en vermakelijk.

Deel dit met je vrienden: